covertienklein

Gebonden in stofomslag

320 pagina's, € 24,-

ISBN 978-90-824546-3-5

Herziene vertaling en

nawoord van Nils Buis

en Koen Wijnkoop

verschenen mei 2017

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

coversering

Gebonden in stofomslag

180 pagina's, € 21,-

ISBN 978-90-824546-2-8

Vertaling: Sjaak Commandeur

Nawoord: Cyrille Offermans

verschenen nov. 2016

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

coververweg

Gebonden in stofomslag

170 pagina's, € 21,-

ISBN 978-90-824546-1-1

Vertaling: Sjaak Commandeur

Nawoord: Cyrille Offermans

verschenen mei 2016

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

covervarken

Gebonden in stofomslag

218 pagina's, € 21,-

ISBN 978-90-824546-0-4

Vertaling: Sjaak Commandeur

Nawoord: Cyrille Offermans

verschenen feb. 2016

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

 


coverglasblazersklein

Gebonden in stofomslag

352 pagina's, € 25,-

ISBN 978-90-816628-9-5

Vertaling: R.W.M Kliphuis-Vlaskamp

Nawoord: Bart Verheijen

verschenen nov. 2015

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

covergoetheklein

Gebonden in stofomslag

272 pagina's, € 24,-

ISBN 978-90-816628-8-8

Nawoord: Ewout van

der Knaap

verschenen april 2015

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

coverandorraklein

Gebonden in stofomslag

120 pagina's, € 15,-

ISBN 978-90-816628-7-1

Vertaling: Adriaan Morriën

Nawoord: Ewout van

der Knaap

verschenen september 2014

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


coverportugalklein

 

Gebonden in stofomslag

264 pagina's, € 24,50

ISBN 978-90-816628-6-4

Vertaling: August Willemsen

Nawoord: Arie Pos

verschenen april 2014

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

coverkropotkinklein

Gebonden in stofomslag

442 pagina's, € 26,90

ISBN 978-90-816628-4-0

Vertaling: Anita van der Ven

Nawoord: Peter Blom

verschenen oktober 2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

covermensklein

Gebonden in stofomslag

196 pagina's, € 20,-

ISBN 978-90-816628-5-7

Vertaling en nawoord:

Anthonie Kee

verschenen juni 2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

coverjeugdklein

Gebonden in stofomslag

230 pagina's, € 20,-

ISBN 978-90-816628-3-3

Vertaling: John Luteijs

Nawoord: Ewout van

der Knaap

verschenen februari 2013

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

covernachtklein

Gebonden in stofomslag

214 pagina's, € 23,90

ISBN 978-90-816628-0-2

Vertaling: Koos Schuur,

herzien door Nils Buis

Nawoord: Wim Berkelaar

verschenen mei 2012

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lont

Gebonden in stofomslag

192 pagina's, € 20,-

ISBN 978-90-816628-2-6

Vertaling en nawoord:

Gerrit Bussink

verschenen nov. 2011

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

coversfinxklein

Gebonden in stofomslag

172 pagina's, € 20,-

ISBN 978-90-816628-9-1

Nawoord: Michiel van

Kempen

verschenen mei 2011

 
 

KRITISCHE KLASSIEKEN 14

 

1919a

 

Het was 7 november 1917 en wie het nieuws hoorde, viel van zijn stoel: in Rusland had een relatief kleine groep bolsjewieken de macht gegrepen, het autocratische bewind van de tsaar vernietigd en de eerste proletarische arbeidersstaat ter wereld uitgeroepen. Het was de geboorte van een experiment dat een stempel zou drukken op de hele twintigstste eeuw. Over die Oktoberrevolutie vele boeken volgeschreven. Sommige analyserend, andere verhalend, sommige negatief, andere positief. Maar ze zijn allemaal achteraf geschreven.

In de wereldliteratuur bestaat één grote uitzondering: Tien dagen die de wereld deden wankelen, het meeslepende ooggetuigenverslag van de jonge Amerikaanse journalist John Reed, één van de weinige westerlingen die de revolutie vanaf de eerste rij meemaakte. In zijn reportage holt Reed als een razende reporter van hot naar her, brengt verslag uit van de toespraken van Lenin over ‘vrede, brood en land’, staat op de eerste rij bij de bestorming van het Winterpaleis en woont de bezetting van fabrieken bij. Een boek dat de geestdrift van die periode geniaal in woorden weet te vatten.

Precies honderd jaar na de Oktoberrevolutie geeft Uitgeverij Schokland in samenwerking met de Belgische uitgeverij EPO een nieuwe editie van deze klassieker uit. Deze heruitgave van Tien dagen die de wereld deden wankelen verschijnt in een herziene vertaling en gaat - voor het eerst in een Nederlandstalige uitgave van dit boek - vergezeld van het oorspronkelijke voorwoord van John Reed. Het boek is voorzien van een uitgebreid register en een nawoord van Nils Buis en Koen Wijnkoop.

 

MEER OVER JOHN REED >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 13

 

1990

Sering en Vlag is het derde en afsluitende deel van De vrucht van hun arbeid. In deze roman zijn de plattelanders uit de eerste twee delen naar de grote stad vertrokken, omdat ze als kleine boer economisch niet meer konden overleven.

Sering en Vlag is een liefdesverhaal en speelt zich af in een niet nader omschreven toekomst. Sering en Vlag zijn de bijnamen van Soekoes en Zjoezja, nazaten van oorspronkelijke plattelanders en de hoofdpersonen van deze roman. Hun liefde komt tot bloei op de vuilnishopen aan de zelfkant van Troje, een imiginaire metropool die verwijst naar de mondiale grootstad, waar het lompenproletariaat ploeterend zijn weg door de stadsjungle probeert te vinden. Ze komen aan de kost als kleine criminelen, via list en bedrog, diefstal, bedreiging en erger en dromen over een toekomst op een wit schip waar ze elkaar ongeremd kunnen beminnen. De werkelijkheid blijkt echter een stuk weerbarstiger.

Uit deze roman spreekt Bergers betrokkenheid bij de outcasts van de samenleving: de vluchtelingen, emigranten en anderen die aan de zelfkant van de maatschappij leven. Zijn me­dedogen vertoont geen spoor van arrogantie, hoogmoed of zelfingenomenheid. Eén van Bergers belangrijkste kwaliteiten als schrijver is ongetwijfeld zijn inlevingsvermogen en vooral de directe en beeldende manier waarop hij dat weet te verwoorden.

 

boeksering

MEER OVER JOHN BERGER >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 12

 

 

1987b

Ver weg in Europa bestaat uit een serie liefdesverhalen tegen de achtergrond van het verdwijnen van het traditionele leven in een bergdorp. Berger toont zich daarbij een indrukwekkende notulist van de dood van een boerencultuur en vertelt zijn verhalen in een krachtige, beeldende taal. Hoewel alle verhalen een melancholische sfeer ademen, worden ze nergens sentimenteel en getuigen ze van Bergers compassie met zijn hoofdpersonen die onder vaak harde omstandigheden proberen te overleven.

John Berger ziet zichzelf vooral als verteller van verhalen. Volgens Ber­ger begint vertellen niet met het bedenken van een verhaal, maar met het luisteren ernaar. De verhalen uit Ver weg in Europa zijn dan
ook geen beschouwingen van een buitenstaander, maar komen voort uit de gemeenschap waar hij als verteller deel van uitmaakt. Bet­weterij, moralisme en voorhoededenken is hem daarbij vreemd,
als verteller is hij slechts degene die ervaringen doorgeeft. Dat doet hij in uitermate krachtige beeldende taal.

 

boekverweg

MEER OVER JOHN BERGER >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 11

 

1979b

Het varken aarde is het eerste deel van de trilogie De vrucht van hun arbeid, die John Berger in de jaren ’80 van de vorige eeuw schreef. In het begin van de jaren ’70 werd Berger ook in Neder­land bekend door vertalingen van zijn kunst­historische essays en de roman G, maar vooral door de uitzending van de televisieserie over beeldende kunst Anders zien. Met G won hij de prestigieuze Man Booker Price.

Sinds 1974 woont Berger aan de voet van de Franse Alpen. Over de bevolking daar schreef hij zijn trilogie. De verhalen uit Het varken aarde bestaan uit twee essays en acht samenhangende, maar toch ook op zichzelf staande verhalen, die worden afgewisseld met gedichten. Ze gaan over het slachten van een koe en een varken, over een koppige boer, over een niet te temmen vrouw. In Het varken aarde dienen de eerste bedreigingen zich aan: de tractor die het paard moet vervangen, de belastinginspectie die een eeuwenoude traditie van drank stoken gaat belasten, de oorlog die families splijt. De verhalen laten zien wat er aan on­vervangbare kennis en ervaring verloren gaat en hoe een overlevingscultuur ten onder gaat aan de vooruitgangscultuur.

De verhalen die John Berger hierover schrijft zijn hartverscheurend. Berger is ook beeldend kunstenaar en dat weerspiegelt zich in zijn grandioze verteltrant. Er is geen andere schrijver die met zo weinig woorden zo beeldend is.

 

boekvarkenaardeb

MEER OVER JOHN BERGER >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 10

 

1963b

Tegen het einde van de achttiende eeuw vinden er in heel Europa grote veranderingen plaats. Het is de tijd van de Franse Revolutie, die in 1789 uitbreekt en een nauwelijks geëvenaarde politieke omwenteling veroorzaakt die ook in de rest van Europa voelbaar is. De absolute monarchie die eeuwenlang de lakens uitdeelde werd ten val gebracht, de Eerste Franse Repu­bliek uitgeroepen en het feodale systeem met de bijbehorende macht en privileges van de adel en geestelijkheid viel ten prooi aan het nieuwe adagium van Vrijheid, gelijkheid en broederschap. Deze constitutionele en ideologische hervormingen gingen gepaard met burgeroorlog en terreur.

Tegen deze historische achtergrond vertelt Daphne du Maurier in haar in 1963 voor het eerste gepubliceerde roman De glasblazers de geschiedenis van de glasblazersfamilie Busson. Niet alleen krijgen we een inkijkje in de fascinerende wereld van het glasblazersgilde, meer nog is De glasblazers een roman over Du Mauriers eigen familiegeschiedenis. Het is een wereld van ongeëvenaard vakmanschap, vaste gewoontes en een sterk ontwikkelde hiërarchie, waarin de vijf kinderen van Ma­thurin en Magdaleine Busson hun weg moeten zien te vinden.
Het verhaal over deze twee dochters en drie zonen wordt verteld door de oudste dochter Sophie. Zij heeft de kalmte, het verstand en het verantwoordelijkheidsgevoel van haar onverzettelijke moeder Magdalei­ne geërfd. Terwijl de broers Michel en Pierre en zus Edmé hartstochtelijk partij kiezen voor de Revolutie, blijft de oudste broer Robert gevangen in zijn streven naar maatschappelijke verheffing en aanzien. Dit noopt hem tenslotte om zijn schuldeisers en Frankrijk te ontvluchten en zijn geluk in Engeland te beproeven. Uiteindelijk blijken de familiebanden sterker dan politieke en ideologische tegenstellingen, wat gesymboliseerd wordt door een kunstig gegraveerde bokaal die binnen de familie Busson van generatie op generatie wordt doorgegeven.

De glasblazers is een intrigerende familiekroniek, waarin de historische achtergrond met regelmaat luid doorklinkt en de hoofd­personen dankzij Du Mauriers sterke verbeeldingskracht en levendige vertelstijl volop tot leven komen.

 

boekglasblazersb

MEER OVER DAPHNE DU MAURIER >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 9

 

1947b

Nico Rost zou vooral bekend worden als vertaler van het neusje van de zalm van de Duitse literatuur. In de jaren ‘20 en ‘30 van de vorige eeuw verbleef hij in Duitsland en vertaalde er in hoog tempo werk van o.a. Anna Seghers, Alfred Döblin, Joseph Roth, Ernst Toller en Hans Fallada. Het hoogtepunt in zijn eigen werk is ongetwijfeld zijn imponerende kampdagboek Goethe in Dachau dat, toen het in 1947 gepubliceerd werd, door vriend en vijand werd geprezen. In Berlijn maakte Rost de opkomst van de nazi’s mee en werd hij communist. Nadat hij in 1933 al eens drie weken in het kamp Oraniënburg vastgehouden werd, werd Rost in 1943 voor de tweede keer gearresteerd en belandde hij zoals veel verzetsstrijders uiteindelijk in het concentratiekamp Dachau, waar hij bleef tot het kamp op 30 april 1945 door de Amerikanen werd bevrijd.

Vanwege een abces aan zijn been werd Rost opgenomen in de ziekenbarak van het kamp. Hierdoor kon hij zich binnen het kamp re­delijk vrij bewegen en had hij de gelegenheid om zijn medegevangenen te spreken en te helpen. Velen van hen kende hij al uit kamp Vught, anderen dankzij zijn internationale contacten binnen de communistische en anti-fascistische beweging. Al vanaf zijn eerste dag in het kamp besluit hij om een dagboek bij te houden, daarbij geholpen door medegevangenen die hem stukjes papier be­zorgden waarop hij zijn aantekeningen kon maken. Onvermijdelijk schrijft Rost over het dagelijkse kampleven: de wreed­heid van de SS, het grote aantal slachtoffers dat de gevreesde vlektyfus onder de gevangen eist, maar ook over de onderlinge hulpbereidheid onder de gevangenen en de vele gesprekken en ‘studiebijeenkomsten’ die hij met gevangenen van diverse pluimage voerde. Maar de werkelijke betekenis van Goethe in Dachau ligt in de manier waarop Rost deze gebeurtenissen verwerkt en zijn menselijke waardigheid weet te bewaren en te behouden.

Literatuur en werkelijkheid luidt de ondertitel van het dagboek. Vasthouden aan de menselijkheid en de wereld van schoonheid en re­delijkheid was voor Rost van levensbelang. Die menselijkheid vond hij in de literatuur en dan met name in de Duitse literatuur uit de Romantiek, waarvan Goethe en Schiller de belangrijkste vertegenwoordigers waren. Door hun (en andere) boeken te lezen en te herlezen blijft hij zichzelf voor ogen houden dat er nog een andere werkelijkheid bestaat dan die van de honger en de kou, de ziekte en de dood, waar hij dagelijks mee geconfronteerd wordt. ‘Wie over eten begint te praten, krijgt steeds meer honger. En degenen die het meest over de dood praten zijn het vlugst gestorven... Vitamine L (literatuur) en T (toekomst) lijken me de beste bijvoeding,’ schrijft hij op 11 februari 1945.
Op die manier wist Rost om te gaan met de dagelijkse barbarij en werd het bijhouden van zijn dagboek niet meer en minder dan een manier om het concentratiekamp te overleven.

Met Goethe in Dachau heeft Nico Rost niet alleen een monument voor zijn medegevangenen in Dachau opgericht, maar ook laten zien hoe een mens zijn waardigheid kan be­houden in een omgeving die niet onderdeed voor de hel.

 

boekgoethe2

 

MEER OVER NICO ROST >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 8

 

1961a

Andri, de hoofdpersoon van Andorra, is de pleegzoon van de leraar Can, die hem ooit uit het land van de Zwarten de grens over naar het land van de Witten heeft gesmokkeld om hem te behoeden voor vervolging omdat hij Jood zou zijn. Uiteindelijk blijkt Andri helemaal geen Jood, maar het kind dat de leraar heeft verwekt bij een ‘señora’ uit het land van de Zwarten. De onthulling van de waarheid komt evenwel te laat. In Andorra - de ogenschijnlijk vredige maatschappij van de Witten - worden Andri allerlei negatieve stereotype Joodse eigenschappen toegedicht. Andri maakt zich de hem opgedrongen identiteit eigen en blijft er aan vasthouden, zelfs als zijn ouders hem de waarheid vertellen. Als dan uiteindelijk de Zwarten het ‘onschuldige’ Andorra binnenvallen, wordt Andri als Jood geïdentificeerd en vermoord. De Andorranen wassen hun handen in onschuld omdat zij naar eigen zeggen deze afloop niet hadden kunnen voorzien.

 

Het stuk werd voor het eerst in 1961 in het Zwitserse Zürich gespeeld, daarna ging het op de symbolische datum 20 januari 1962 in Duitsland in drie grote steden tegelijk in première, precies twintig jaar na de beruchte nazibijeenkomst aan de Wannsee, waar tot de Endlosung werd besloten.

Frisch heeft met Andorra een parabelachtig stuk willen schrijven, waarin hij vooral het universele karakter van discriminatie wilde benadrukken en de maatschappelijke schuldvraag wilde stellen. Andorra blijkt in retrospectief een scharnierpunt in het oeuvre van Frisch, die zich in en buiten zijn werk als kritische, geëngageerde intellectueel liet gelden.

Dat Andorra op veel Duitse scholen nog steeds verplichte leesstof is, bewijst dat het stuk met recht als een moderne klassieker geldt waarvan de thematiek nog altijd actueel is.

 

boekandorrab

 

MEER OVER MAX FRISCH >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 7

 

1975a

Veertig jaar geleden, op 25 april 1974 vond in Portugal de Anjerrevolutie plaats en kwam er een einde aan de bijna vijftig jaar durende fascistische dictatuur. In 1975, nog geen jaar erna, schreef de van oorsprong Portugese schrijver J. Rentes de Carvalho met Portugal, de bloem en de sikkel een vernietigende beschouwing over de overal in Europa juichend ontvangen machtswisseling.

In Portugal, de bloem en de sikkel neemt Rentes de Carvalho een lange aanloop naar het moment waarop ‘De Beweging der Kapiteins’ op 25 april 1974 de macht overneemt. Voordat deze machtswisseling uiteindelijk een feit is heeft zich voor de lezer een uitgebreide cultuurgeschiedenis van het lang achtergebleven Portugal ontvouwd. Gedetailleerd beschrijft de auteur de langdurige politieke, culturele en economische stagnatie van een land dat zich lange tijd een belangrijker rol op het wereldtoneel toedichtte dan het in werkelijkheid speelde. Op dezelfde wat laconieke en vileine toon die we kennen uit Waar die andere God woont trekt Rentes de nodige heilige huisjes omver en laat hij geen spaan heel van de ‘glorierijke’ Portugese koloniale geschiedenis, waarvan de revenuen vooral ten goede kwamen aan de schatkist van Engeland. De wrange realiteit die uit dit meeslepende relaas oprijst toont de lezer een verbijsterend beeld van bittere armoede onder de Portugese bevolking, de daaruit voortvloeiende grootscheepse emigratie en de schijnheiligheid van de intellectuele oppositie gedurende al die jaren. Het is vooral de dubbele moraal van die oppositionele kringen die het bij Rentes moet ontgelden.

Dat Rentes de Carvalho de overenthousiaste Anjereuforie wilde temperen door te laten zien dat Portugal na de Anjerrevolutie niet ineens een ander land was geworden werd hem niet in dank afgenomen. Het bracht hem in de problemen en dreigde hem - volkomen onterecht - in het verkeerde politieke kamp te plaatsen. Dat ging zelfs zo ver dat hij ervan beschuldigd werd een agent van de pide, de geheime politie, te zijn. Ook in Portugal was het boek van Rentes de Carvalho lange tijd explosief materiaal. Pas dit jaar verschijnt Portugal, de bloem en de sikkel voor het eerst in het Portugees (bij uitgeverij Quetzal). Niet eerder was er een Portugese uitgever die er zijn vingers aan durfde te branden.

José Rentes de Carvalho (1930) verliet op twintigjarige leeftijd zijn geboorteland Portugal. In 1956 vestigde hij zich in Nederland. Tot zijn bekendste werken horen de weinig zoetsappige zedenschets van Nederland Waar die andere God woont en zijn veelgeprezen roman Ernestina uit 1998, die werd vergeleken met de autobiografische geschriften van Elias Canetti. 

 

Arie Pos, literair vertaler en docent Nederlands aan drie Portugese universiteiten, verzorgde het nawoord, waarin hij niet alleen ingaat op de ontstaansgeschiedenis van het boek, maar ook de door Rentes de Carvalho uitgezette lijnen verder doortrekt naar de huidige tijd. Deze heruitgave gaat vergezeld van een uitgebreid notenapparaat dat werd verzorgd door Bert Aanstoot.

 

boekportugal

 

MEER OVER J. RENTES DE CARVALHO >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 6

 

1899a

Waar Bakoenin de reputatie had een ‘afbraakanarchist’ te zijn, stond Kropotkin niet alleen bekend als ‘opbouwanarchist’, maar ook als de ‘anarchistische prins’. Hij verwierf internationale faam en gold lange tijd als de leidende theoreticus van het anarchisme. Zijn Memoires zijn misschien wel het beste wat hij geschreven heeft en schilderen ons een onvergetelijk beeld van het Rusland in het midden van de negentiende eeuw, van de Rusische volksbeweging in de jaren 1870 en van de anarchistische beweging in West-Europa tussen 1870 en 1880.

Peter Kropotkin beantwoordde in geen enkel opzicht aan het beeld dat men zich over het algemeen van een anarchist vormt. Hij werd niet in een proletarisch gezin geboren, maar was van prinselijke bloede. Ook was hij geen door fanatisme verblinde ‘bommengooier’, maar een opvallend zachtaardig en innemend man, die zich op een vlotte manier bewoog in de kringen van de culturele elite van zijn tijd.

Kropotkins Memoires beginnen bij zijn geboorte in 1842 als telg uit een Russisch aristocratisch geslacht. Op een manier die doet denken aan Tolstojs jeugdherinneringen beschrijft hij zijn gepriviligeerde kinderjaren en de tijd die hij doorbracht in het elitaire pagecorps op de militaire school. Als page van tsaar Nicolaas II raakt hij aanvankelijk onder de bekoring van diens liberale reputatie. Die bekoring slaat al gauw om in teleurstelling als de tsaar uiterst wankelmoedig blijkt en de voorgenomen afschaffing van de lijfeigenschap steeds opnieuw uitstelt. Na zijn studie geografie en een dienstreis naar Siberië oriënteert Kropotkin zich steeds meer op politiek en maatschappijhervorming.

Van 1872 tot 1886 leidt Kropotkin het leven van een revolutionair. Hij bezoekt West-Europa om kennis te nemen van de socialistische beweging en concludeert al gauw dat hij niets moet hebben van de autoritaire marxistische stroming binnen de Internationale. Zijn hart gaat juist uit naar het vrijheidslievende socialisme, dat hij vond bij de Frans-Zwitserse Jurafederatie.
Terug in Rusland sluit hij zich aan bij de revolutionaire Tsjaikovksigroep, wordt gearresteerd en zonder vorm van proces opgesloten in de beruchte Peter- en Paul vesting, waar hij op spectaculaire wijze uit weet te ontsnappen. In West-Europa sluit hij zich aan bij de anarchistische beweging, wordt in Frankrijk opnieuw gearresteerd en vestigt zich na verkregen amnestie uiteindelijk in Engeland.

De Memoires eindigen in 1886 toen Kropotkin wellicht de bekendste anarchist van de wereld was en hij nog een heel leven voor zich had. In de jaren daarna legde hij zich vooral toe op het schrijven van artikelen, pamfletten en boeken en ontwikkelde hij zich tot de belangrijkste theoreticus van het anarchisme in zijn tijd. Tot zijn dood in 1921 zou hij een van de invloedrijkste anarchisten blijven.

Memoires van een revolutionair verschijnt in een geannoteerde uitgave. Peter Blom, directeur van Triodos Bank beschrijft in het nawoord welke betekenis Kropotkins theorieën over wederzijdse hulp ook in onze tijd nog steeds hebben. Dit zesde deel in de serie Kritische Klassieken verschijnt in samenwerking met Kelder Uitgeverij.

 

boekkropotkin

 

MEER OVER PETER KROPOTKIN >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 5

 

1945a

In 1943 lijkt er een einde te komen aan de in 1922 door Mussolini gevestigde fascistische dictatuur in Italië. Nadat de geallieerden in juli 1943 op Sicilië waren geland, wordt vooral in het noorden van Italië het verzet steeds sterker. De ontwikkelingen volgen elkaar snel op: eerst wordt Mussolini door zijn eigen fascistische partij afgezet en gevangengenomen, vervolgens zoekt de Italiaanse koning toenadering tot de geallieerden en vallen de Duitse troepen het noorden van Italië binnen. Ze bevrijden Mussolini uit de gevangenis en dringen hem de leiding op van de nieuwe Italiaanse Sociale Republiek, niet meer of minder dan een vazalstaat van Duitsland. In het voorjaar van 1945 komt er een eind aan deze ‘Republiek van Salò’: het verzet van de partizanen wordt steeds sterker en de geallieerden rammelen aan de poort. Eind april 1945 capituleren de Duitse legers in Italië.

Al in juni 1945 ligt Elio Vittorini’s roman Mens of niet in de boekhandel. Het is daarmee met recht de eerste literaire verwerking van het verzet tegen het fascisme. Voor hij deze roman kon schrijven had Vittorini een lange weg te gaan. Zoals zoveel jonge Italianen voelt hij zich aanvankelijk aangetrokken tot het anti-burgerlijke, revolutionaire en ‘moderne’ fascisme, maar als schrijver en journalist blijft hij open staan voor alles wat dynamisch en vernieuwend is. Dat brengt hem steeds vaker in conflict met de fascistische autoriteiten. De breuk volgt na het uitbreken van de Spaanse Burgeroorlog, als hij partij kiest voor de Republikeinen en tegen Franco. Vittorini sluit zich aan bij het communistische verzet, wordt in 1943 gearresteerd, vier weken later op borgtocht vrijgelaten en moet vervolgens onderduiken. Vanuit zijn onderduikadres geeft hij de Milanese editie van de illegale communistische krant L’Unita uit en begint hij te schrijven aan Mens of niet.

Mens of niet is het verhaal van het Milanese verzet tegen de Duitsers en hun Italiaanse handlangers. We volgen N-2, de leider van een verzetsgroep, bij het beramen en uitvoeren van aanslagen, bij de verwoede discussies met de kameraden uit zijn groep, en op zijn zwerftochten door de stad, opgejaagd door de militie van Zwarte Hond, die met een gruwelijk sadisme de politieke gevangenen tot op het bot vernedert. De strijd culmineert in een overval van N-2 en zijn mannen op het gerechtsgebouw, waar zij een bloedbad aanrichten onder de daar aanwezige fascisten. Als represaille worden tientallen burgers opgepakt, gefusilleerd en vervolgens ter afschrikking in het centrum van Milaan tentoongesteld.
De ogenschijnlijk simpele plot en het tot op het bot uitgeklede proza van Vittorini met zijn karakteristieke herhalingen wordt doorspekt met indringende morele vragen die de schrijver zijn hoofdpersonen laat stellen; waarom leeft de mens, waarom strijdt hij, waarom krenkt hij en als hij krenkt is hij dan nog wel een mens? Deze vragen en de constatering dat zowel het menselijke als het onmenselijke onlosmakelijk met elkaar en met het mens-zijn zijn verbonden maken dat Mens of niet ver uitstijgt boven een traditionele verzetsroman.

 

boekmensb

MEER OVER ELIO VITTORINI >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 4

 

1933b

 

Een jeugd in Duitsland begint met Tollers geboorte in 1893 in een goedburgerlijk Joods milieu en eindigt met zijn vrijlating in 1924 uit de gevangenis, waar hij vijf jaar vestingstraf uitzat vanwege zijn vooraanstaande rol in de slecht voorbereide Duitse revolutie en de Beierse Radenrepubliek. In een meesterlijk sobere stijl schildert Toller het isolement door zijn jood-zijn in de Pruisische provincie Posen, zijn studietijd in Grenoble en zijn aanvankelijke enthousiasme voor deelname aan de Eerste Wereldoorlog. Maar in de loopgraven realiseert hij zich al gauw dat wat een heroische strijd leek, in feite niet veel meer is dan een bloedige broedermoord tussen Duitse en Franse soldaten. Als overtuigd pacifist teruggekeerd uit de oorlog is zijn teleurstelling groot als blijkt dat de burgerlijke leiders niet in staat zijn om de teruggekeerde Duitse jeugd naar een perspectiefvolle toekomst te leiden en raakt hij tegen wil en dank betrokken bij de revolutionaire arbeidersbeweging. In 1918 wordt hij voorzitter van de Onafhankelijk Socialistische Partij in München en neemt hij een leidende rol op zich in de Beierse Radenrepubliek, waarvoor hij in 1919 tot vijf jaar gevangenisstraf wordt veroordeeld.

Een jeugd in Duitsland verscheen in 1933, het jaar van de Machtübernahme door de nazi’s. In een vlammend voorwoord - geschreven op de dag dat zijn boeken in Duitsland verbrand werden - roept Toller zijn voormalige medestrijders niet alleen op om de lessen te trekken uit de nederlaag van het socialisme, maar ook en vooral om niet te zwijgen en te blijven strijden tegen de aan de macht gekomen barbarij. Het centrale thema in deze meeslepende herinneringen is de tegenstelling tussen humane doelen en inhumane middelen, tussen revolutionair gewelddadig handelen en het tot stand brengen van een vreedzame, socialistische maatschappij. Niemand heeft zo eerlijk zijn eigen falen en de tekortkomingen van de revolutionaire beweging beschreven als Ernst Toller.

 

Een jeugd in Duitsland verschijnt opnieuw bij Uitgeverij Schokland in een geannoteerde uitgave en een nieuwe, tekstgetrouwe vertaling van John Luteijs. Het nawoord is geschreven door Ewout van der Knaap, hoofddocent Duitse letterkunde aan de Universiteit Utrecht.

 

boekjeugdb

MEER OVER ERNST TOLLER >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 3

 

1940b


Nacht in de middag - volgens George Orwell Koestlers meesterwerk - begint met de arrestatie door de geheime dienst van Roebasjov, een oude bolsjewiek en ooit één van de Helden der Revolutie. In drie verhoren beschrijft Koestler hoe zijn hoofdpersoon na een pijnlijk zelfonderzoek tenslotte tot het besluit komt om in het openbaar misdaden tegen de partij te erkennen, waarvan hij weet dat hij ze in werkelijkheid nooit begaan heeft. Uiteindelijk wordt Roebasjov met een nekschot vermoord. Hoewel het personage van Roebasjov fictief is, kost het niet veel moeite om enkele van de vooraanstaande partijfunctionarissen - Boecharin, Radek - te herkennen die tijdens de in 1936 begonnen Moskouse processen door het apparaat van Stalin werden geliquideerd.

Nacht in de middag gaat over universele thema’s als het spanningsveld tussen het individuele geweten (‘ik’) en verantwoordelijkheid voor het collectief (‘wij’) en de betekenis van het persoonlijke geweten en de moraal en is daarmee  - lang voor het verschijnen van Orwells 1984 en Kravchenko’s Ik verkoos de vrijheid  - de eerste literaire aanklacht tegen het totalitarisme in het algemeen en dat van Stalin in het bijzonder. Alleen een ex-communist als Koestler heeft de dogma’s van het bolsjewisme zo vlijmscherp kunnen fileren.

 

Historicus Wim Berkelaar schreef het nawoord bij deze uitgave. De oorspronkelijke vertaling van Koos Schuur uit 1946 werd grondig herzien door Nils Buis.

 

boeknacht

MEER OVER ARTHUR KOESTLER >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 2

 

1973

 

Lont is het opmerkelijke romandebuut uit 1973 van Franz Josef Degenhardt, die daarvoor vooral bekendheid genoot als zanger en componist. In Duitsland gingen er in de loop der jaren meer dan 100.00 exemplaren van over de toonbank, in Nederland is het bij slechts één uitgave gebleven. Uitgeverij Schokland biedt deze even ontroerende als opmerkelijke roman een tweede leven.

 

Degenhardts roman Lont was in 1973 een van de grootste en aangenaamste verrassingen op de Duitse boekenmarkt. De roman, het prozadebuut van Degenhardt, is een logisch verlengstuk van zijn carrière als componist en zanger van steeds maatschappijkritischer wordende liedjes, waarmee hij in de toenmalige Bondsrepubliek Duitsland vooral grote bekendheid genoot. De roman is de ballade van Fänä Spormann en zijn dertien- en veertienjarige kameraden uit het Ruhrgebied. Terwijl hun vaders zijn gesneuveld, omgebracht of in het concentratiekamp zitten, groeien ze op in hun grauwe fabriekswijk, tussen bestorven en onbestorven weduwen, dwangarbeiders, vluchtelingen en verzetsstrijders. Ze verrichten koeriersdiensten voor de Ondergrondse, maar wat begint als een spannend spel verandert langzamerhand in serieuze verzetsdaden. Zo helpen ze een Engelse piloot en een joodse pianiste onderduiken, smokkelen ze wapens en blazen ze een fouragewagon van de Wehrmacht op in de veronderstelling dat die vol zit met levensmiddelen. De verbazing is dan ook groot als blijkt dat ze ze zeshonderd liter wijn hebben buitgemaakt. Over de Tweede Wereldoorlog en het Hitler-regime zijn - ook in het naoorlogse Duitsland - talloze romans en verhalen geschreven. In Lont laat Degenhardt ons zien dat er ook in Duitsland (en wel in andere milieus dan dat van de aristocratische graaf Von Stauffenberg) tenminste een gedeeltelijk bewustzijn van het ware karakter van het nazi-regime bestond en dat een klein aantal arbeiders daaruit concrete conclusies heeft getrokken en daadwerkelijk verzet pleegde. Lont is daarmee een opmerkelijke roman over het Duitse verzet tegen de nazi’s, geschreven vanuit het al even opmerkelijke perspectief van beginnende pubers die al vroeg volwassen moeten worden. Daarmee is Lont zeker niet het zoveelste boek over de Tweede Wereldoorlog.

 

Gerrit Bussink, vertaler van onder meer Peter Handke, Botho Strauss en Hans Magnus Enzensberger, heeft voor deze uitgave in de Kritische Klassieken zijn eerdere vertaling uit 1973 herzien. Ook schreef hij een geactualiseerd nawoord dat nu al op onze website is te lezen, zie: dossiers. Ook vindt u hier een artikel van John Luteijs die uitgebreid ingaat op de achtergronden van Lont.

 

boeklont

MEER OVER FRANZ JOSEF DEGENHARDT >>

BESTEL DIT BOEK >>

 

KRITISCHE KLASSIEKEN 1

 

1937b

 

De van oorsprong Surinaamse schrijver Albert Helman is vooral bekend van zijn in 1931 verschenen anti-koloniale roman De stille plantage. Minder bekend is dat hij van 1932 tot 1937 als verslaggever van o.a. De Nieuwe Rotterdamsche Courant (NRC) en De Groene Amsterdammer in Spanje verbleef. In De sfinx van Spanje beschrijft de stilist Helman zijn waarnemingen in het Spanje tijdens het begin en de eerste jaren van de Spaanse Burgeroorlog.

 

Helman is daarin allesbehalve een neutrale toeschouwer: zonder te kiezen voor één van de partijen aan de kant van de Republikeinen, kiest Helman wél partij voor de Republikeinse kant, waar de tegenstrijdigheden tussen de verschillende fracties zich, naarmate de burgeroorlog vordert, steeds scherper doen gelden. De betrokkenheid van Helman met de verdedigers van de Republiek doet denken aan de manier waarop George Orwell in Saluut aan Catalonië zijn eigen verbondenheid met de Republikeinen beschrijft. Dat De sfinx van Spanje wel wat van Orwells herinneringen weg heeft is niet zo raar: beide schrijvers kenden elkaar en deelden een kantoor in Barcelona. Maar waar Orwell daadwerkelijk deelneemt aan de gewapende strijd en zich aansluit bij de milities van de POUM (een revolutionaire links-communistische partij), komt Helman tot de conlusie dat in zijn handen de pen een beter wapen is dan het geweer.

 

Al in 1937 had Helman in de gaten dat wat zich in Spanje afspeelde in feite de voorbode was van een ‘Europese oorlog’ tussen Duitsland en Italië aan de ene kant tegen een alliantie van Engeland, Frankrijk en de Sovjet-Unie aan de andere kant. Zijn hoop dat de inzet van de Spaanse bevolking niet voor niets zal zijn geweest, zou al gauw in bloed gesmoord worden.

 

De sfinx van Spanje verschijnt in een geannoteerde uitgave met een nawoord van Michiel van Kempen, buitengewoon hoogleraar West-Indische Letteren aan de Universiteit van Amsterdam.

 

boeksfinx

MEER OVER ALBERT HELMAN >>

BESTEL DIT BOEK >>